Geen voorjaarskoers zonder ontsnappingskoning Victor Vercouillie (23): “Ongelofelijk hoeveel mensen mijn naam riepen op de Oude Kwaremont”

  • News
Tussen wielermonumenten de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix maakte Victor Vercouillie (23) van Team Flanders-Baloise tijd voor ons om te praten over zijn opvallend voorjaar. De absolute ontsnappingskoning van het peloton trok ook tijdens In Flanders Fields en de Ronde op avontuur en deed dat op onze gloednieuwe 525R-fiets. Terwijl zoon Victor vecht om in de vroege vlucht te geraken, vecht vader Kristof tegen ongeneeslijke darmkanker. Dat verhaal raakt ook het grote publiek en geeft Victor extra kracht: “De massale aanmoedigingen zorgden voor een kippenvelmoment.”

Victor Vercouillie werd niet geboren met de motor van Tadej Pogacar en beschikt evenmin over de gouden wielergenen van Mathieu van der Poel. Dat beseft hij zelf ook, al was hij als derdejaarsbelofte zodanig sterk dat hij wel degelijk een kans verdiende op profniveau. Die kreeg hij eerst als stagiair bij Bolton Equities Black Spoke en vervolgens in de vorm van een profcontract bij Team Flanders-Baloise. Daar toonde de hardrijder uit Beveren-Leie dat hij wel gezegend is met een bodemloos vat weerbaarheid en karakter. Eigenschappen die hij geërfd heeft van vader Kristof.

Kristof Vercouillie was rond de eeuwwisseling een verdienstelijk renner op amateurniveau. Later was hij ook actief bij het wielerteam Onder Ons Parike, dat zijn strepen meer dan verdiend heeft in de wielerwereld. “Louis Vervaeke heeft er ooit gereden, net als Jenno Berckmoes, Yentl Vandevelde en Gil Gelders. Het is dus wel een soort talentenfabriek”, geeft Victor aan. Helaas voert zijn papa tegenwoordig geen strijd meer tegen ijzelregen en stormwind, wel tegen dat vreselijke k-woord.

Maar de koers blijft heilig ten huize Vercouillie. “Wat een zoon allemaal doet om zijn vader trots te maken”, plaatste Kristof zondagavond op zijn sociale media. Hij had een hele dag lang ontelbare berichten gekregen van mensen die Victor die dag hadden opgemerkt in de kopgroep van de Ronde van Vlaanderen. Want daar is de jonge West-Vlaming tegenwoordig wel een absolute meester in: de vroege vlucht.

Marathonmeester

In 2025 was de West-Vlaming met 2.403 kilometer al de absolute koning van de aanval in het profpeloton. Dit jaar zet hij die lijn vrolijk verder, met lange aanvalspogingen in onder meer Bredene Koksijde Classic, In Flanders Fields en de Ronde. Toch een huzarenstukje, want hoewel er tientallen gegadigden waren voor een plekje in deze ontsnapping en Victor druk op zichzelf had gelegd door zijn ambities hardop uit te spreken, was hij er toch bij toen 13 renners na een dertigtal kilometer het hazenpad kozen.

“Het is altijd een beetje een loterij”, vertelt de marathonmeester. “Je moet dan ook gewoon wat geluk hebben, al is het soms ook een kwestie van een weldoordacht plan. Er zou sowieso geen vlucht wegrijden zonder renner van Team Flanders-Baloise en ik wist dat het in de buurt van Sint-Niklaas wel eens de zone van de waarheid zou kunnen zijn. De wegen zijn daar smal, het is wat meer draaien en keren en dan rijdt er gemakkelijker een groepje weg. Ik zag dat we eerst met vijf en dan met dertien waren, maar dat leek me een te grote groep, dus ging ik nog niet vol. Bovendien was er met Silvan Dillier ook een renner van Alpecin-Premier Tech mee, wat het extra tricky maakte. Het peloton stribbelde tegen, maar toen we dertig seconden namen, wist ik dat we vertrokken waren.”

En zo vulde de aanwezigheid van Victor Vercouillie zondagmiddag opnieuw duizenden woonkamers in Vlaanderen en bij uitbreiding de internationale wielerwereld. “Renners komen me soms lachend vragen of ik het die dag weer ga proberen en zeggen dat ze mijn wiel gaan nemen zodat ze ook mee zijn”, grijnst Victor. “Ook mijn kameraden kennen inmiddels mijn manier van koersen en alluderen er graag op.”

Muur van geluid

Wat wel nieuw is voor Victor, is de massale steun van het grote publiek. “In de heuvelzone tijdens In Flanders Fields was dit al opvallend, maar in de Ronde merkte ik voor de eerste keer hoeveel supporters mijn naam inmiddels kennen. We zaten nochtans met grote namen in de groep. Luke Lamperti won dit jaar een etappe in Parijs-Nice en droeg er het geel. En toch riepen supporters dan mijn naam. Het is natuurlijk een halve thuiskoers in mijn trainingsregio, maar dit had ik niet verwacht.”

Stiekem droomde Victor ervan om de tweede passage over de Oude Kwaremont te halen in de spits van de wedstrijd. Omdat de finale nog vroeger dan gewoonlijk openbrak en een elitegroepje uit het peloton wegreed, werden de vluchters al eerder bij de lurven gegrepen. “Het is wel voor dat soort momenten dat je mee schuift in de vroege vlucht. Vanuit het peloton is het voor mij lastig om zo’n schifting te overleven, dus dit is een economische manier om toch mee te zijn. Op Berg Ten Houte liepen mijn benen helaas vol. Ik zat goed gepositioneerd, maar had een moeilijk moment toen er vooraan versneld werd. We bleven met enkele renners nog even hangen op een paar seconden, maar konden nooit meer aansluiten.”

In tegenstelling tot zijn vorige twee deelnames bereikte Victor dit keer wel de aankomst in Oudenaarde. “En dat is toch wel leuk, want als je een hele dag in de aanval rijdt en dan niet kan finishen, voelt het toch aan als een niet-afgerond verhaal. In het peloton moest ik nu wel vechten op de tweede keer Oude Kwaremont. Vervolgens zie je dan het hele deelnemersveld verspreid over de smalle wegen. Achteraan vloeiden wat groepjes samen en bleven we voldoende voorsprong behouden op de vrouwenwedstrijd (die vlak na de mannen over hetzelfde parcours trekt). Op de laatste Kwaremont kon ik al een beetje genieten en dankzij de rugwind in de slotkilometers was het wel een einde in schoonheid.”

Tussen hemel en hel

Victor zat dus afgelopen weekend in de wielerhemel en bereidt zich nu voor op de hel. In Parijs-Roubaix maakt hij zondag zijn wederoptreden nadat hij er twee jaar geleden buiten tijd arriveerde. Meermaals trok hij op verkenning, telkens met de focus op een ander deel van de wedstrijd. “De vlucht halen in Roubaix is zo mogelijk nog lastiger dan in Vlaanderen”, weet hij te vertellen. “In Roubaix kan je vanuit zo’n ontsnapping echt een ereplaats uit de brand slepen. Matthew Hayman won op die manier zelfs de memorabele editie van 2016. Als je vooraan mee bent, moet je minder wringen voor een goede positie en anticipeer je op de komst van de toppers. Dus het is altijd handig om mee te zijn.”

“Iedereen beschouwt Roubaix als een vlakke koers, maar in de openingsfase gaat het constant op en neer. Op die hellende stroken wordt er keihard gekoerst, dus het wordt een strijd om weer mee te zijn. Als team willen we natuurlijk wel vermijden dat we de slag missen. Vorig jaar was mijn collega Rory Townsend zowel in de Ronde als in Roubaix mee met de ontsnapping, dat is nu ook mijn doel.”

525R

Dit voorjaar valt Victor overigens op met zijn nieuwe 525R-fiets van Eddy Merckx. Deze aero racefiets is in de laatste fase van de ontwikkeling. Samen met Jules Hesters kreeg Victor de eer om de fiets in competitie uit te testen. Voor het merk bleek hij een gedroomde keuze, want twee zondagen op rij kwam deze nieuwe fiets urenlang in beeld met dank aan Victor. Op korte termijn zal de fiets ook commercieel verkrijgbaar zijn.

“Ik ben alvast heel tevreden”, weet de renner van Flanders-Baloise. “Ik merk bij het afwerken van VO2-max blokken dat de fiets stijver is en je constant blijft snelheid ontwikkelen op de stukken rechtdoor. Bovendien is het frame verrassend licht en ben ik ook opgetogen met de geometrie. In samenwerking met mijn bikefitter heb ik een positie die de liesslagader minder dichtknijpt en dat is in het moderne wielrennen erg belangrijk. Mijn trainingsmaten vragen regelmatig naar de fiets en zijn net als ik fan van de paintjob. Ik vind het wel leuk dat ik met deze samenwerking het iconische merk ook van dienst kan zijn.”

Foto's: Photo News